Naam interventie:

Werkvormen voor een interactieve klaspraktijk in de basisschool

Korte omschrijving:

Met deze fiches, een uitgave van het Centrum voor Taal en Onderwijs, die de meest gekende interactieve werkvormen beschrijven, willen we leerkrachten basisonderwijs ondersteunen bij het inrichten van een interactieve klaspraktijk. De beschreven werkvormen blijven echter een hulpmiddel; ze vereisen steeds een interactieve aanpak van de leerkracht, willen ze aanzetten tot interactie in de klas.

Omdat mondelinge gesprekken de basis leggen voor taalverwerving, is de rol van interactie in de klas niet te onderschatten (Van den Branden, 2010: 93). Een taal leren doe je door veel taalaanbod te horen en veel kansen tot spreken te krijgen. Interactie levert echter niet alleen op voor het leren van taal, het levert op voor leren in het algemeen. Door gesprekken te voeren met medeleerlingen of met een leerkracht verhoogt het leerpotentieel van taken en activiteiten. Interactie maakt leren namelijk betekenisvoller. Door in gesprek te gaan, te reflecteren over verschillende aspecten van een opdracht, terug te blikken en elkaar op nieuwe ideeën te brengen blijft een taak uitdagend en zinvol. Bovendien beklijft leerstof gemakkelijker als je erover hebt kunnen communiceren met anderen.

En dan hebben we het nog niet gehad over het effect van interactie op de sociale vaardigheden van de leerlingen…

In de fiches worden voor elke werkvorm telkens de volgende elementen gegeven.

Doelgroep: kleuters (veelal 5-jarigen), 1ste graad, 2de graad, 3de graad (af en toe is het nodig om de vertaalslag te maken naar de leeftijd van de leerlingen)

Duur: lesdeel/lesuur

Doelen: talige doelen, doelen van andere leergebieden, sociale en communicatieve vaardigheden

Werkwijze: wordt woordelijk beschreven

Variant: als er varianten zijn, worden die beschreven

Voorbeelden: de voorbeelden verduidelijken binnen welke soorten van taken de werkvorm zinvol is.

Zoals al aangegeven levert interactief werken niet alleen op voor taalleren, maar voor leren in het algemeen. Vandaar dat de doelen die nagestreefd kunnen worden met de verschillende werkvormen ook doelen van andere leergebieden kunnen zijn. Dat is echter afhankelijk van werkvorm tot werkvorm, aangezien er ook enkele werkvormen zijn die louter talige en/of sociale doelstellingen beogen. De sociale en communicatieve doelen worden hier ook expliciet aangegeven, omdat dat net zozeer na te streven doelen zijn (cf. eindtermen – LOET’en)

Linken en bronnen:

Fase in het zorgcontinuüm:

Brede basiszorg.

Koppeling eindtermen:

Implementatie: